Category Archives: Wel en wee

Nijntje!

Op 15 oktober werd Echtgenoot geopereerd. Hij mocht aan het eind van de middag weer mee naar huis.

Zoals dat hoort bij iemand die in het ziekenhuis gelegen heeft, verraste ik Echtgenoot met een grote ballon.

Eenmaal thuis vloog Dochter naar de voordeur. Niet om haar papa te begroeten, maar om Nijn te verwelkomen. Ze bleef er bijna in, haar mond viel open (het is dan ook een grote, vliegende Nijn – groter dan zijzelf) en riep: ‘Aaaaaaaah! NIJNEEEEEE!!!’

Zo’n gelukkig klein meisje, zo’n grote Nijn.

(En met papa gaat het ook goed ?)

Van die dagen…

Na vandaag, een dag waarop de tranen me meerdere malen in de ogen stonden, was het eigenlijk tijd om mijn eigen kleine meisje te knuffelen. Omdat het kan. Omdat het na deze dag o zo nodig is.

Maar zij is uit logeren. En dus nam ik mijn moederhart mee naar de speelgoedwinkel. Nu wachten er twee K3 cadeautjes tot mijn mini-K3’tje weer thuis is. Ik weet dat er uitgebreide knuffelsessies hebben plaatsgevonden met mijn meisje . Dus kijk ik vanavond K3 zoekt K3. Omdat het kan.

unnamed

Ajax HOI!

Vier kaarten voor de Johan Cruijff schaal, regelde mijn man. “Jij gaat ook mee, gezellig!” Met grote ogen keek ik hem aan: “Dan moet er dus een oppas komen.” Tevreden knikte mijn man en liet vervolgens het oppas-verhaal aan mij over. Ik haalde diep adem en knikte terug. Ja. Een oppas. Het moet er maar eens van komen.

Dochter is inmiddels vijf maanden oud en behalve het Kinderdagverblijf en Oma (één keer!) is Dochter nog niet bij iemand anders geweest dan bij haar papa en mama. En dus is het tijd voor weer een welbekende ‘eerste keer’. Ik besluit om Marjolein te vragen, mama van mijn neven en bijzonder groot fan van Dochter. ‘Ik hoop dat ze nee zegt’, denk ik bij mezelf terwijl ik het smsje intik. Daarom doe ik het ook per sms, ik zou anders natuurlijk gewoon even bellen. Maar ik sms, in de hoop dat ze nee zegt. Maar natuurlijk zegt ze geen nee, wat heet: ze is dolenthousiast. En dus gaat de mama de hort op. Met de papa. Naar Ajax.

Schoonzus en Zwager komen uit Friesland over en gaan mee naar de ArenA. Stralend zit Marjolein op de bank: “Daaahaaag, mama! Ik zorg goed voor je kleine meisje.” Ik slik. En ik slik nog eens. Dan wandel ik de deur uit, een beetje witjes. In de auto word ik geplaagd. En dan gaat Echtgenoot zingen: “Niemand laat z’n eigen kind alleen…”, wat een lachsalvo bij Zwager en Schoonzus veroorzaakt. Boos kijk ik hem aan en zeg dan: “Dit zingt hij alleen maar om zijn eigen moeite te verbergen. Want stiekem vindt hij het zelf ook helemaal niet leuk.” Echtgenoot stopt met zingen en zegt: “Sssst!” Ik knik tevreden: ik had gelijk.

We zitten niet bij elkaar, dus samen met Schoonzus wandel ik de trappen van de ArenA omhoog. De laatste keer dat ik hier was, was ik 37 (!) weken zwanger. En opeens krijgt het ‘vrije virus’ me te pakken. Ik loop naar de bar en bestel een halve liter bier. Hoera! Mama is op vrije voeten! Met onverminderd enthousiasme zit ik, midden tussen de Zwolle-fans, mijn liefde voor Ajax te uiten: “Ajax HOI!” roep ik, om de paar minuten. En ik voel me misplaatst, alsof alle voetbal-mannen denken: ‘wat doet die moeder hier? Die moet op de bank zitten bij haar kind.’ Maar ik drink bier en roep: “Ajax HOI!”

Het blijft bij dit ene biertje. En Ajax verliest. Na de wedstrijd blijkt dat Papa ook een beetje last van schuldgevoelens heeft: hij koopt twee Ajax-spenen. Voor onze kleine voetbalfan. Als we thuiskomen, blijkt dat Dochter het naar haar zin heeft gehad. En de papa en de mama hebben het overleefd. Het was een spannende eerste keer, het was een mooie avond.

ajax1

Ondertussen bij de Sienot-dames

Terwijl ik nog in de kapperstoel zit, bericht ik mijn moeder al over mijn nieuwe liefde: de vriendelijke kapster die vind dat ik niet grijs ben. Mijn moeder is harteloos en stuurt een bericht terug: “Toch ben je bijna van middelbare leeftijd.”

Ik ben opnieuw volwassen en wijs en laat haar kletsen. Ze is tenslotte al oud, ze weet niet meer beter. En dus stuur ik, met alle vriendelijkheid en wijsheid die ik in mij heb, een smsje terug: “Houd je mond, bejaard monster.”

’s Avonds belt mijn moeder. Ze zegt dat ze morgen moet werken en: “Straks komt het weer zo ver dat jij met je vijftigste mag stoppen.” (*Had ik al eens gezegd dat mijn moeder ALTIJD positief is? Deze opmerking zegt genoeg, denk ik…*). Ik moet lachen: “Ik denk het niet, mam. Dat is namelijk al over vijftien jaar, dat ik vijftig word.”

Ik val stil. En ik herhaal: “Dat is gewoon al over vijftien jaar.” Mijn adem stokt en mijn haar wordt een beetje grijzer. Nog maar vijftien jaar en ik ben gewoon van middelbare leeftijd. Mijn moeder begint te lachen: “Maar je bent nu al bijna van middelbare leeftijd. Dat ben je al als je veertig bent. En trouwens, je hoort nu al niet meer bij de jonkies!”

Ik luister naar haar bijna satanische gelach. Dan begin ik ook te lachen: “Maar jij bent nog ouder. Lekker puh.”

Sienot Girls